Langs Leidse Boeken: Bomen in de Stad.

Oude, monumentale gebouwen en oude, monumentale bomen, daar moet men wat mij betreft van afblijven. Niet slopen, niet omhakken, maar koesteren en behouden zo lang het kan. Nou wordt er aardig wat geschreven over de Leidse monumentale panden, maar nauwelijks over de Leidse monumentale bomen. Toen ik dus bij De Slegte het boekje “Bomen in de Stad, De mooiste van Leiden” van Dick de Vos zag liggen, moest ik het natuurlijk hebben. Eindelijk een keer Leidse verhalen over de iconische bomen van Leiden. Zo hoopte ik. Wie plantte ze, waarom, wanneer. En waarom staan de echt ouwe bomen er nu nog altijd, ondanks bijvoorbeeld de tweede wereldoorlog, waarin bijna alle Leidse bomen voor brandstof zijn omgehakt. Wie of wat heeft hen gered? Of over de favoriete bomen van bekende Leidenaren. En zijn er ook Leidse bomen die figureren in boeken van Leidse schrijvers  of op schilderijen van Leidse kunstenaars. Etc Etc. Ik liep me voor het lezen al te verkneukelen.

Maar het werd na het lezen een teleurstelling. Dit boekje is niet het  boekje over Leidse bomen, waarop ik hoopte. Op de plaatjes staan weliswaar Leidse bomen, maar  de verhaaltjes erbij gaan daar niet over. Die zijn een mengeling van algemene info die je ook bij tuincentra kan lezen (waar komen ze vandaan, hoe groeien ze, op welke grond doen ze het goed), info voor onder andere kwakzalvers (bladeren van de gewone es “zouden werken tegen slangenbeten, gedroogde zaadjes tegen lever en lendenpijn”) en  allerlei vage mythische verhalen (de Wereldboom uit de noordse mythologie zou wel eens een taxus kunnen zijn). Een heel enkel keertje is er een begin van een mooi Leids verhaal over een boom, bij de walnoot van Maarten en Eva Biesheuvel en de tulpenboom van Boerhaave bijvoorbeeld. Maar na een paar zinnen vervalt de schrijver weer in algemeenheden, waarbij de ANWB Bomengids één van zijn belangrijkste bronnen lijkt te zijn.

Een tip voor wie aan het boek van Dick de Vos wil gaan beginnen: sla de inleiding over! Want daarin beschrijft De Vos hoe slecht wij met bomen omgaan. Ik begrijp nu ook de zwarte rouwkleur van het boekje…. Sla die inleiding dus over, want hoe waar zijn betoog ook mag zijn, daar ga je als lezer heel depressief van worden en het zal je plezier in bomen vergallen. Nee, het Leidse boek met de  mooiste Leidse verhalen over de mooiste  Leidse bomen moet nog geschreven worden.

Plaats een reactie

Ontwerp een vergelijkbare site met WordPress.com
Aan de slag